Hij was enkel bezig met beleidstaken.

chocolade-xxx

Ik (her)lees het artikel. Het is al enkele jaren oud, maar af en toe heb ik behoefte om het nog eens boven te halen.

“Werknemer verliest vinger in chocolademachine: werkgever vrijgesproken.”

De titel op zich heeft niets choquerends. Het zou immers zomaar kunnen. Dat een werkgever alles heeft gedaan wat hij moest en kon, maar dat desondanks een samenloop van omstandigheden tot een ongeval heeft geleid met zware gevolgen. Dat die werkgever zijn verhaal voor de rechtbank brengt en de rechter daar ook van overtuigt. Dat die werkgever daarna vrijgesproken wordt. Het zou zomaar kunnen…

Maar dan lees ik weer verder. Machine. Blabla. Niet voldoende afgeschermd. Blabla. Arbeidsauditeur stelt vast. Blabla. Er waren eerder al klachten. Blabla.

En dan plots komt dat ene zinnetje waar mijn haren telkens weer van overeind gaan staan. Het gaat hier over de zaakvoerder.  En wat lees ik? “De rechter oordeelde dat de zaakvoerder niet verantwoordelijk is voor het ongeval. Eric C. hield zich enkel bezig met beleidstaken. Om het veilig gebruik van de machines te garanderen, beschikt het bedrijf over een preventiedienst.”

Pardon? Is dat tegenwoordig het verweer, dat dan nog gevolgd wordt ook door een rechter???

“Jawel edelachtbare, Eric is de zaakvoerder.“

“Nee, edelachtbare, hij heeft die machine niet afgeschermd.”

“Nee, edelachtbare, hij heeft er ook niet voor gezorgd dat het door iemand anders ter harte werd genomen”

“U moet begrijpen edelachtbare, met veiligheid hield Eric zich niet bezig. Hij was enkel bezig met beleidstaken”

Denkt zo’n rechter dan niet “Ja, dat is net het probleem, daarom staan we hier. Als Eric begrepen zou hebben dat veiligheid een beleidstaak is, dan was het niet zover moeten komen dat een jobstudent op zijn eerste werkdag een vinger kwijtraakt”???  Dat zou ik dan denken, en met mij elke andere preventieadviseur, en verder ook nog iedereen in deze wereld die er in geslaagd is de welzijnswet verder te lezen dan de eerste 4 artikelen (hint: het gezochte staat in artikel 5*).

Maar deze rechter blijkbaar niet. Deze rechter dacht gewoon dat het wel logisch klonk. Dat zo’n bedrijfsleider wel andere -belangrijker- dingen aan zijn hoofd heeft dan ervoor te zorgen dat er ook nog eens aan veiligheid gedaan wordt. Het bedrijf moet tenslotte toch draaien, niet? En waarvoor heb je anders die preventiedienst?

Grrr.

Forrest Gump wist het al. “Life is like a box of chocolates. You  never know what you’re gonna get.” Inderdaad. Goed principe, ook. Volledig voorspelbaar hoeft het leven niet te worden. Maar je zou minstens wel verwachten als jobstudent die na een eerste werkdag naar huis terugkeert met een vinger minder dat de rechter de moeite doet om de basiswet voor de materie in kwestie er even bij te nemen.

Hij was enkel bezig met beleidstaken, begot.  HIJ WAS ENKEL BEZIG MET BELEIDSTAKEN.

Grr.

 

*Boodschap aan elke rechter: lees ajb art. 5 van de welzijnswet er even op na… “…de planning van de preventie en de uitvoering van het beleid met betrekking tot het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk met het oog op een systeembenadering waarin onder andere volgende elementen worden geïntegreerd: techniek, organisatie van het werk, arbeidsomstandigheden, sociale betrekkingen en omgevingsfactoren op het werk”

 

 

 

Advertenties

Vakantiebestemming: je werkplek

jarlijks verlof-xxx

Ah, vakantie. Naar Frankrijk. Of Spanje. Of exotischer, met het vliegtuig. Of nog exotischer, naar Nederland. De vakantie spenderen we graag in het buitenland. Om even helemaal weg te zijn. Om iets van de cultuur mee te nemen. Een kasteel, een klooster, een marktje. De lokale bevolking. Plots worden we toerist en vinden het we het heel normaal om in een klein dorpje een nog kleiner kapelletje binnen te stappen. Het geklik-klik van fototoestellen, de geur van zonnecrème, het gejengel van kinderen die liever naar het zwembad gaan.

Na twee weken zit onze rust erop en gaan we terug naar het gewone leven. Waarin kinderen op sportkamp gaan, het out-of-officebericht vakantie krijgt en de zonnecrème (deze zomer toch) terug in het badkamerkastje verdwijnt.  Gedaan met de vakantie, gedaan met kleine kapelletjes bezoeken, lokale marktjes, gezellige babbels met Zuid-Fransen die je amper verstaat. Op het werk vertellen we dan: hoe leuk de vakantie was, maar hoe anders die cultuur toch is. Vooral die van de Nederlanders.

Toerist zijn in een andere cultuur, dat vinden we leuk. Ons vergapen aan hun gewoontes, hun manieren. Tegen iedereen goedemorgen of net niet. Een fooi geven of net niet. Mañana mañana of net niet. En het is pas door het verschil dat we onze eigen cultuur beter kennen. “Tiens, bij ons zou je dat toch nooit zien,” denk je dan.

Doen we dat op het werk ook? Want ook op het werk hebben we een ‘cultuur’. Tegen iedereen goedemorgen of net niet. Een bonus of net niet. Mañana mañana of net niet. Maar ook hierbij is het moeilijk je eigen cultuur te kennen, als je er middenin zit.

Wat zou het ons opleveren als we af en toe toerist konden zijn in een andere bedrijfscultuur? Daar eens naar de managementvergadering gaan (als equivalent van de lokale markt, of het rustige kapelletje – dat hangt dan van hun cultuur af). Met het fototoestel in de hand eens gaan observeren hoe zij het doen. Het zou ons veel leren over hun, maar ook over onze eigen cultuur.

Het zou ons veel opleveren, onze bedrijfscultuur goed te kennen. Want ‘culture eats strategy for breakfast,” aldus Peter Drucker. We kunnen dus wel veel willen, van meer helmdracht tot een veiligheidsmanagementsysteem, als het niet in onze cultuur past, verkleint meteen de kans op succes. Als ‘mañana, mañana’ de norm is, gaat je perfecte excelsheet waarschijnlijk als Fins klinken. Als op jouw bedrijf het aantal dienstjaren in aantal tattoos uitgedrukt wordt, zal je je toolbox rond PBM’s daarop moeten afstemmen. Rekening houden met die cultuur kan onze impact vergroten.

Maar hoe leer je die dan kennen? Net zoals op vakantie: door al eens in een heel andere cultuur te gaan kijken hoe het daar gebeurd. Niet voor de oppervlakkige, zichtbare elementen. Maar voor de dieperliggende cultuurkenmerken: wat werkt er hier goed? Wat waren de succesfactoren? Hoe worden mensen betrokken bij het beleid? Vinden ze het leuk om hier te werken? Hoe kijken ze naar veiligheid? Hoe is die verbonden aan de kosten of aan tijdswinst? Focust het bedrijf op prestaties van een team of individu? Hoe worden successen gecommuniceerd? Als een echte antropoloog probeer je te ontdekken wat in die cultuur leeft. Je zal voelen wat je herkent bij jullie en wat niet. En je leert meteen je eigen cultuur beter kennen.

Ook de omgekeerde manier kan werken. Door anderen in jouw cultuur uit te nodigen en naar hun ervaringen te vragen. Wat valt hen op? Wat is verrassend, wat hebben ze op een ander bedrijf nog niet gezien? Wat voelen ze aan als moeilijk, of als taboe in ons bedrijf? Misschien is de vakantie daar ook een uitgelezen moment voor. Loopt er ergens een vakantiejob bij jullie rond? Komen er straks wat schoolverlaters extra bij? Een uitgelezen kans om eens met hen te praten over hoe jullie de dingen doen. Alsof je enkele toeristen met een telelens hebt losgelaten in je organisatie.

En mocht dat nu niet meer lukken omdat de vakantie voor jou nog moet starten: geniet ervan!

 

 

 

 

Allemaal flipflop (#tousflipflop)

flipflop-xxx

Ik kan er niet meer aan uit. We stuiteren alle kanten op met onze voetballiefde.

Wat is het nu? #tousensemble of #tousfliflop?

Tactisch-strategisch zijn daar de immer aanzwellende commentaren op Wilmots. “Hij kan het niet”. Dat kan wel zijn, maar wie wilde eraan beginnen enkele jaren geleden toen het een en al miserie was? Strategie en beleid.

Op het terrein is er talent op overschot. Maar geen drive, geen grinta. Nee, die Italianen dan, die zijn er pas ingevlogen (over hoe de Russen er invliegen, zwijgen we best even). Motivatie op de werkvloer.

De kapitein? Tja, Hazard… die moet zelf kunnen schitteren in creativiteit, en niet bezig moeten zijn met het coördineren en aansturen van anderen. Ook wel gekend onder het “de beste electricien (lasser / mechanieker / … vul aan naar keuze) maken we chef electricien en daarna zijn we verbaasd dat het niet automatisch ook een goeie chef is”-syndroom. De rol van de hiërarchische lijn.

De blessures. Hij raakt fit. Hij raakt niet fit. Hij speelt, hij speelt niet. Gezondheidstoezicht.

De supporters ter plaatse: aimabele mensen, die verbroederen met de Italianen bij een pizza en een pintje. Hooliganisme en onbetamelijk gedrag, dat zie je niet meer bij Belgische supporters. Maar wacht, lees ik daar dat de RTBF een klacht gaat indienen omdat Belgische supporters een (vrouwelijke) journaliste hebben lastiggevallen? Grensoverschrijdend gedrag.

De analisten: eergisteren waren we nog potentieel Europees kampioen, vandaag duiken de eerste vermeldingen van “mathematisch is het nog mogelijk” op. Er zijn nog zekerheden. De beste stuurlui staan aan wal.

Flip.

Flop.

Flip.

Flop.

De enige conclusie die ik kan trekken, is dat wij als preventiedeskundigen niet werken in een niche, maar in het hart van de samenleving. Alles en overal is welzijn op het werk. Elke flip en elke flop.

Preventieadviseur in loondienst: “Ja, natuurlijk”, “Nee, beter niet” of “Wablieft?”?

Dat er iemand in elk bedrijf intern aanspreekpunt is voor preventie, vinden we natuurlijk allemaal logisch. Maar rond het statuut van deze interne preventieadviseur (loondienst of niet) durven de meningen wel eens te verschillen.

Wat denk jij?

 

Bedankt!

The Road Ahead – 715

46264095_m

Ik kan genieten van een glaasje bubbels, een triple biertje of een whisky, het levenswater. De eindjaarfeesten zullen ongetwijfeld rijkelijk met drank besprenkeld worden, accijnsverhoging of niet.

715 dodelijke verkeersslachtoffers in 2014. Geen levenswater meer, die hen kom redden. 715 mensen waarvan het leven onverwacht een einde kende als gevolg van een verkeersongeval. Hiermee opende het seminarie “Verkeerspreventie van A tot Z” waar ik onlangs aan deelnam. Volgens de laatste prognose zullen er dat 755 zijn tegen het einde van dit jaar. Een stijgende trend.

 

7

Eén op de zeven zwaargewonde verkeersslachtoffers blijft achter met een vorm van traumatisch hersenletsel. De lijst mogelijke lichamelijke gevlogen is lang, heel lang. En wanneer je een tehuis voor volwassenen met een NAH (niet aangeboren hersenletsel) bezocht hebt, zoals ik, waar bijna alle 28 bewoners zich met een rolstoel verplaatsen, weet je wat het betekent. Het zette mij aan het denken. In hoeverre alcohol een rol speelt. Anderen mogen niet het slachtoffer worden van het genot van iemand die onverantwoord nog achter het stuur kruipt. En daarmee komen we aan een hot topic: de nultolerantie en rijden. Alcohol & drugs vormen samen met snelheid en het niet dragen van de gordel de hoofdoorzaken van verkeersongevallen.

1

Het eerste uur

is steeds het ergste

wakker worden

zonder

en ik die keer op keer herhaal

dat ik je nog éénmaal …(1)

Iemand verliezen door een verkeersongeval is een enorme emotionele schok en heeft een grote impact wanneer het slachtoffer een collega, goede vriend of familie is. Je tracht een antwoord te vinden op de waaromvraag en je voelt je heen en weer geslingerd tussen heftige emoties en een gevoel van verdoofdheid. Om de doelstelling van het regeerakkoord te halen tegen 2020 en het aantal verkeersslachtoffers te halveren ten opzichte van 2010 – 420 – zullen er duidelijke regels en maatregelen moeten zijn. “Zo snel mogelijk nul doden en zwaargewonden in het verkeer” liet Cathy Berx, gouverneur van Antwerpen, optekenen in De Standaard. Laten we ervan uit gaan dat iedereen zich achter die ambitieuze doelstelling schaart.

5

Alcohol op het werk werd met CAO 100 aangepakt, ofwel via het arbeidsreglement waar de werkgever rekent op het gezond verstand en de verantwoordelijkheidszin van zijn werknemers, ofwel met een beleid. Bedrijven of organisaties die zich bewust waren van het probleem werkten op basis van vier pijlers een preventief alcohol beleid uit: regels en procedures bij acuut en chronisch misbruik, hulpverlening, regels over de beschikbaarheid en gebruik en – last but not least – informatie en vorming rond alcohol (en drugs).

Op (arbeids)plaatsen waar men op de hoogte was van een groot alcoholverbruik zijn de biertjes vervangen door frisdranken en alcoholvrije dranken winnen aan belang op events en recepties. In plaats van het appelsapje is het serveren van een alcoholvrije cocktail een verantwoord alternatief.

De organisatie van en naar een gebeuren is een vast onderdeel geworden in eventplanning en -management, bv. door het organiseren van collectief vervoer, het vooraf contacteren van taxibedrijven of het stimuleren van carpooling. Vijf jaar na invoeren van CAO 100 lijkt het effect van preventie en sensibilisatie  zijn vruchten af te werpen.

De campagne “een beetje BOB (of ROB voor Vlaanderen) bestaat niet” is duidelijk: nul promille in het verkeer. Hoe helder de regels, hoe minder ze voor interpretatie vatbaar zijn, hoe groter de kans op veiliger verkeer.

Jongeren staan open voor de nultolerantie – zij zijn opgegroeid met BOB -, blijkt uit een recente enquête van iVox bij duizend Vlamingen voor het Nieuwsblad, maar of de X-generatie, waar de beleidsmakers ook deel van uitmaken, hier klaar voor zijn ?

De gouverneur van West-Vlaanderen, Carl Decaluwé, houdt er een pleidooi voor. “Ondanks alle mogelijke sensibiliseringsacties is de 0,5 promille niet voldoende. We moeten durven te overwegen om naar 0 promille te gaan zoals in Scandinavië waar we direct resultaten zien.” Aanleiding waren de resultaten van de Verkeersveilige Nacht” waar 6 % meer bestuurders dronken betrapt werden dan in 2014.

Elk van ons kan ervoor kiezen om de kans dat hij of zij een ongeval veroorzaakt zo klein mogelijk te houden.

Hier alvast een paar tips om te genieten van het glaasje bubbles, de triple of de whisky:

  1. Spreek vooraf af en kies een BOB.
  2. Voor de smartphone gebruikers: download de app van Uber of PickMeUp
  3. Hou de gegevens van het openbaar vervoer bij de hand

“Don’t drive drunk”, zong Stevie Wonder al in 1984. Goede afspraken, goede chauffeurs.

Geniet van de eindejaardagen …and keep it safe on the road!

 

(1) bron: ‘Als het verkeer je raakt’, praktische gids na een verkeersongeval, Rondpunt vzw

Gewaarborgd loon: was het nu één of twee maanden ?

archimedes

Roland Vanden Eede gaat in een, overigens knappe, blog in op het feit dat de tweede maand gewaarborgd loon er niet komt. Tja, toen ik het alweer een eeuwigheid geleden in het regeerakkoord las, wist ik niet juist wat te denken.

Ongelukkig. Iedere KMO-leider kan niet anders dan zich ongelukkig gevoeld hebben bij dit voorstel. Stel dat je schrijnwerker bent met 2 man in dienst… Dan kan dit soort grappen dodelijk zijn voor je zaak.

Ongelukkig, bis. Als werkgever – ook van een grote “boîte” – heb je niet altijd vat op het absenteïsme. Een relatief onschadelijke klierkoorts kan meerdere maanden aanslepen. Net als een minder onschuldige kanker. En wat te denken van botbreuken omdat je kaderleden trendy mountainbiken op zondag? Moet jij daarvoor opdraaien? Roland stelt dan ook terecht dat die tweede maand er enkel kan komen als er tegelijk iets aan de bijdragen voor de sociale zekerheid gedaan wordt.

Verheugd. Responsabiliseren van “de vervuiler”. Tot nog toe wentelen werkgevers al te vaak verdoken kosten van een fout beleid op de maatschappij af. Je hebt ze in alle geuren en kleuren. Van het niet ingrijpen in een machocultuur qua rijgedrag, waarbij je na een maand van de schade af bent. Tot het bewust mensen tot een burn out drijven. Een ontslag dat je amper een maand opzeg kost. De rest van de ellende en kosten zijn voor het individuele slachtoffer en de samenleving. Burn out is dan ipso facto de goedkoopste manier om iemand te ontslaan.

Hefboom. Dat dacht ik. Als preventieadviseur zoek ik altijd het voordeeltje. Het opportunisme. Ik zag er een hefboom in om meer middelen te verkrijgen om rugpijn te voorkomen. Om mee de planning van de sales te mogen helpen sturen naar een minimaal aantal te rijden kilometers. Geen kilometers, geen ongevallen. Om te bekijken hoe we absenteïsme bij diverse doelgroepen kunnen laten dalen. Van alleenstaande moeders tot quasi opgebrande kaderleden (of de combinatie van beiden). Een hefboom aan middelen om te voorkomen dat de kosten verbonden aan die tweede maand de pan uit zouden swingen. CEO’s en CFO’s die preventieadviseurs smeken hen te helpen. Een droombeeld. De wereld op zijn kop door een zinsnede in een regeerakkoord.

Het Nederlands model met responsabilisering tot 2 jaar is me een brug te ver. Toch voor elke vorm van afwezigheid. Bij arbeidsongevallen of werkgerelateerde zaken zoals rugpijn of woonwerkverkeer, kan ik nog begrijpen dat de discussie gevoerd moet worden. Maar niet bij zaken die volledig buiten de werkgever om gebeuren. Een weekendongeval. Een kanker.

Misschien moeten we daar wel een onderscheid maken. Zaken waar een werkgever invloed op kan hebben en zaken waar dat niet het geval is. Te beginnen met het herwerken van de definitie van arbeidsongeval. Voor mij hoeft dat niet steeds een plotse gebeurtenis te zijn. Opgebouwde rugpijn, tennisellebogen en diets meer kunnen gerust bij de definitie behoren. Zeker als ergonomie een werkterrein blijft voor de preventieadviseur. Teveel van deze zaken belanden momenteel in de ziekteverzekering en dus bij de gemeenschap.

Laten we hiermee effectief beginnen. Een goede definitie van wat wel en wat niet onder de verantwoordelijkheid van de werkgever kan vallen. En dan responsabiliseren. Zoiets kan vleugels geven aan de preventieadviseur en de HR-directeur. Dromen van hefbomen.

Blokker, Blokken en FFB

Bron: vandaag.be

Bron: vandaag.be

Blokken is de populairste app. Het heeft zeker zijn nut. De CAO104-generatie (45 jaar en ouder) gebruikt duidelijk apps en blijft via kwisvragen nog scherp ook.

Best beledigend vind ik deze boutade van mezelf. Alsof je vanaf 45 jaar een probleem hebt… Ik wil geen betutteling en voor wie er aan twijfelt: ik werk graag en kan best nog mee met de meute. 45 of niet.

In Nederland zagen ze het iets ruimer dan de 45-plusser. Daar hebben ze sinds dit jaar een participatiewet voor lokale overheden. Er zijn richtlijnen opgelegd inzake het aanwerven van “onpopulaire doelgroepen”: andersvaliden, ouderen, …

Bij ons zijn het enkel de oudjes die een beleid moeten krijgen. Een ferm fout beleid (FFB). Vakbonden willen de cao invullen genre: “exta pauze”, “extra verlof”, “lager tempo”, … Allemaal frases waarmee ze aangeven dat in hun denken 45-plussers sukkels zijn. Sukkels die zich finaal zo zullen gedragen. FFB.

Werkgevers… nou ja… vorig jaar vroeg een werkgever of ik mee wilde werken aan een cao104-beleid. Blij als een kind was ik. Eindelijk een witte raaf. Tot de aap uit de mouw kwam. De werkgever vroeg me mee te werken om, en ik citeer letterlijk, “hem van die oudjes af te helpen”. FFB.

Tja, gelukkig ben ik zelfstandige en geen werknemer. Als werknemer durf je dan je anciënniteit niet in de weegschaal te leggen. Als zelfstandige zeg je gewoon even flink je gedacht. En trek je een ethische grens. Een geloofwaardigheidsgrens ook. Zoals het hoort.

Toch ook even mijn licht opgestoken bij beleidsmakers. Of zij wisten hoe om te gaan met deze paradox? Nee hoor. Een hele boel theoretische teksten en sites. Vast en zeker met subsidies gemaakt, maar geen enkele hulp in het werkveld. FFB.

En Blokker? Wel die kondigen in Nederland aan om de oudere werknemers te ontslaan. Ettelijke honderden. Ze zijn duur. FFB.

Wat scheelt er toch met deze samenleving? Ik wil best en graag zelfs tot mijn 67 werken. Omdat ik het graag doe. Omdat het een zinvolle manier van leven is. Omdat je als preventieadviseur mensen echt kunt helpen. Omdat het permanent bijblijven belet dat ik mentaal sterf. In een zetel of in Benidorm. Het doet er niet toe. Werken is best wel ok.

Opslag ieder jaar? Extra verlof of pauzes? Als zelfstandige staan mijn verlof en pauzes in directe verhouding tot mijn inkomen. Sterker nog. Ik kan dat volledig zelf bepalen (mits toestemming van mijn vrouw). Ik bepaal dus zelf hoeveel ik werk, hoeveel ik verdien, hoeveel ik op reis ga.

Baas over eigen leven. En een directe link naar inkomen. Een link gebaseerd op inspanning ipv anciënniteit of leeftijd. Let op,ik pleit niet voor meer zelfstandigen. Ik pleit ervoor om mensen hun eigen leven meer zelf in te kunnen laten vullen. En hun werk. Wanneer ze werken, hoeveel ze verdienen en hoe ze hun taken invullen.

Zou dat Blokker kunnen overhalen? Zou daar een goede vraag voor Blokken inzitten? Laten we hopen op vijf minuten politieke moed om deze knoop aan te pakken. Vijf minuten moed voor een loopbaan vol perspectief. Geen FFB, maar een FGB. Met de G van Goed.