Veiligheid is niet de afwezigheid van ongevallen!

Er zijn zo van die dagen dat mijn haren recht gaan staan, de Don Quichote komt in mij boven en tot tien tellen helpt dan niet meer. Het zijn zo van die ideale dagen om een preventiekronkel te schrijven. Het gebeurt telkens wanneer ik geconfronteerd word met ongevallenstatistieken die moeten doen blijken dat bedrijven uitblinken in veiligheid. Het lijkt erop dat we al jaren op een doel aan ’t schieten zijn waar onze eigen doelman in staat. Ik stel dan ook graag voor, tegen de stroom in, om die ongevallencijfers collectief door het raam te gooien.

Het lijkt erop dat wanneer je geen ongeval hebt, dat je als bedrijf veilig aan ’t werken bent. Wanneer je die stelling in vraag stelt, wordt je ongetwijfeld afgeschreven als een idioot die niet weet waarover ie het heeft. Maar wanneer je dan de vraag stelt: is het omdat ik zonder botsingen op mijn bestemming aankom, dat ik veilig heb gereden? Dan is het antwoord heel vaak: natuurlijk niet! Of dezelfde vraag iets anders gesteld: wilt het zeggen dat wanneer ik niet ziek ben, dat ik gezond ben? Het is eigenlijk dezelfde stelling als de afwezigheid van ongevallen.

Fig 10 - resultaat sturing (figuur) 1

Carsten Busch – input output outcome

Carsten toont in zijn Fabel 57 goed aan waar het schoentje knelt; we meten op het einde van de dag hoeveel mensen er gewond zijn en concluderen dan of we met z’n allen flink veiligheidsbewust zijn geweest die dag. Maar het verschil tussen een dodelijk ongeval en een near miss is vaak een kwestie van geluk en van positie. Wanneer een slijpmolen losschiet en een enkel een scheur in een broek maakt in plaats van kap in een been, is dit een kwestie van geluk en positie. Niets meer, niets minder. Het automatische remsysteem dat op slijpmolens wordt gehanteerd, kan marge zijn die je inbouwt, maar het perverse effect hiervan is dat de risicoperceptie van het werken met zo’n apparaat volledig verandert.
De vraag dringt zich dan ook op of regelneukerij dan voldoende nut heeft. Maar dat is een preventiekronkel voor later.

In plaats van de afwezigheid van ongevallen te tellen, zouden we beter kijken naar hoe we marge kunnen inbouwen om veilig te falen. En marge inbouwen is niet het uitvoeren van 10 rondgangen per dag, het is niet kijken naar die arme sukkelaar die de slijpmolen bijna in zijn been heeft gekregen. Marge inbouwen betekent dat je gaat kijken hoe je systeem robuust genoeg is om veilig te falen. Die marge betekent in de eerste plaats dat we ons bewust moeten zijn dat risico’s niet statisch zijn, maar heel dynamisch. Het is het erkennen dat risico’s worden beïnvloed door tijdsdruk, beperkte werkvoorbereiding, besparingen en een slechte nachtrust. We kijken als preventieadviseurs heel vaak in risicoanalyses louter naar de sharp end of the stick maar vergeten daarbij dat het momentum van zo’n stok het hevigst wordt beïnvloed door het andere einde van die stok (management, wetgever,…).Marge betekent ook dat we de uitvoerders gaan bekijken als de experts in hun veld en aan hen vragen wat nu de echte risico’s en problemen zijn waar ze mee geconfronteerd worden. Het meten van het aantal rondgangen (en ze vooral top-down opleggen) is op geen enkele manier marge inbouwen. De auditoren gaan inderdaad meer kennis krijgen van de procedures, maar het zijn de uitvoerders die nood hebben aan een systeem waarop ze kunnen rekenen.

Holle slogans zoals ik werk veilig of ik werk niet of we volgen altijd de procedure zijn geen marge, het zijn slaapliedjes waar we ons ’s nachts mee in slaap wiegen. Bouw marge in door naar het systeem in zijn geheel te kijken, ook al is het complex. Onze job is niet simplistisch, er is nood aan een complexe en holistische aanpak die bijdraagt tot het bedrijf en dat van derden waar we mee werken. Start met te kijken naar wat bijdraagt tot het beïnvloeden van marge die echt ongevallen doet voorkomen, in plaats van te sturen op ongevallen waarbij je enkel de utopie voedt dat ongevallen in complexe systemen opnieuw gebeuren wanneer je er niets aan doet.

Advertenties

Vroooem zei Froome…

froome

bron: sporza.be

“Don’t try this at home”, zei Froome over zijn afdaling gisteren. Maar waarom deed hij het wel? Alfagedrag, iets anders kan ik niet bedenken. Dan toch iets menselijks in deze machine die Froome en zijn team plegen te zijn?

Het is mooi dat dit spectakel gebracht werd. De voorbije jaren was zijn ploeg één en al berekende British coolness. Saai, een bedrijf met alle procedures onder controle. Alle stappen gecontroleerd en risicoloos. Bwah, in alle eerlijkheid? Ik wil er niet werken. Geen passie, geen genot. Ik heb wel iets van Jan Mulder in me wat dat betreft.

Froome zei dat het geen tactiek was, maar een “ingeving van het moment”. Preventieadviseurs die naar TV keken genoten van de rit. Ook al kwam “gele Belg Greg VA” pas na 26 minuten binnen. Preventieadviseurs die kwijlen bij het zien van zoveel bedrijfsrisico’s. Raar, niet?

Bedrijfsrisico’s. De sponsor betaalt miljoenen om de tour te winnen. Ze betalen een ganse externe dienst van ergonomen die fietsen afstellen, van arbeidsgeneesheren die de “juiste” preparaten inspuiten, van rondgangen op het parcours om iedere bocht en put in kaart te brengen, van managers en adviseurs, …

Het bedrijf draait rond één target: de tour winnen en alle risicoanalyses zijn daar op gericht. We moeten en zullen maatregelen voorzien voor alle zaken die ons doel belemmeren.

En dan… dan neemt de operationeel manager die Froome de facto is, enorme bedrijfsrisico’s in het productieproces. Op het meest risicovolle moment gooit hij alle procedures en analyses overboord en gaat aan 83 km/uur in de aanval. Met de neus op het voorwiel.

Heerlijk. Vol energie, lef en passie. Maar de preventieadviseur van de ploeg zal wel een immodium genomen hebben toen hij het zag. Zijn risicoanalyses hadden immers vijf putjes in het wegdek en zes steentjes op de weg geïnventariseerd. Froome heeft niet gefaald, maar had hij dat wel gedaan, dan zat het bedrijf zonder winst dit jaar. En een bedrijf dat te vaak zonder winst zit, gaat failliet.

Het is toch telkens weer een heel dun evenwicht, tussen volop met passie leven of met een tight ass alles beheersen… Een dilemma, voor mij als mens en voor mij als preventieadviseur.

In ieder geval genoeg gespreksstof straks bij de bbq. Met alcohol, rood vlees en open vuur in de buurt. Iemand immodium?

Als het systeem zich tegen je (bedrijf) keert

buizenlabyrinth-xxx

Wat ik me soms afvraag, is of het aankoopproces tekenend is voor een algemene bedrijfsattitude. Allicht is dat een thema waar mensen op zouden kunnen doctoreren. In de sociologie bijvoorbeeld, of de bedrijfspsychologie.

Ik heb een boek geschreven. Dat mag iedereen weten. Liefst zelfs, want het is uiteraard de bedoeling dat het gelezen wordt. Maar daar wil ik het niet over hebben. Althans, niet over het boek zelf. De verkoop van dat boek stelt me wel in de gelegenheid om kennis te maken met enkele interessante kantjes van het huidige bedrijfsleven, meer bepaald wat de aankoopgewoontes betreft.

Als potentiële leverancier moet je introductiefiches invullen, online bevragingen invullen, pro-forma facturen doorsturen, blanco briefpapier doorsturen, je kan het zo gek niet bedenken of het gebeurt allemaal. En dan maar wachten tot het hoofdkantoor in Parijs, Detroit of Tokyo de gegevens goedkeurt en beslist je de eer te gunnen als ‘gekende’ leverancier in het systeem opgenomen te worden. Iets waar je niet meteen wakker van ligt als het om grotere projecten of bedragen gaat. “Het hoort er nu eenmaal bij”, weet je wel. Maar een factuurtje voor een boek, dat gaat natuurlijk om een relatief klein bedrag. En dan valt de moeite die nodig is om voor bepaalde bedrijven als leverancier op te kunnen treden des te harder op.

Aankoopprocedures, machtigingen voor bestellingen en goedkeuring van facturen zijn ooit opgezet om het aankoopproces te stroomlijnen, door het te uniformiseren. Om zeker te zijn dat het steeds aan dezelfde minimumvoorwaarden voor goed beheer voldoet. Alleen blijken de procedures door de jaren heen danig te verzwaren, niet in het minst door de betrokken software. Ware meesters in het creëren van wegomleidingen op het eenvoudige traject van bestelling-levering-betaling. Hoedje af.

Waar is de flexibiliteit? Waar is de snelheid? De wendbaarheid? De drempel om naar iets nieuws te gaan wordt op sommige plaatsen behoorlijk hoog. Als preventieadviseurs zich de aankoop van een boek ontzeggen omdat ze (zucht) opzien tegen de administratie die het met zich meebrengt om de leverancier ervan te creëren, klopt er toch iets niet? Wat gebeurt er dan, vraag ik me af als diezelfde preventieadviseur een nieuw product op de markt ziet komen, of niet meer zo tevreden is over een huidige leverancier?  Voor je het weet heeft een proces dat op zich niets met veiligheid te maken heeft, toch een remmende werking op de evolutie van het veiligheidsniveau in een bedrijf.

Fascinerend toch als een systeem dat je als bedrijf zelf hebt opgezet om je te ondersteunen, na verloop van tijd een monster wordt dat je dreigt mee te sleuren naar precies die plek waar je weg wilde blijven.

En ja, dan ben ik toch benieuwd of zo’n aankoopprocedure typerend is voor het algemene denken van een bedrijf, of dat het ook een op zichzelf staand gegeven kan zijn…

Gelukkig zijn…

Gelukkig zijn…
Gelukkig zijn,
daarvoor wil ik alles geven
weg wat teveel is
geen stress aan mijn lijf
Gelukkig zijn…

Dat was het gevoel deze ochtend op de trein. Eerst al op weg naar het station in Leuven. Zonnetje, vogeltjes, geen verkeer.

Alleen in de stad
Iedereen ongeïntresseerd
Dat kan, dat kan niet blijven duren,
ik word gek
Gelukkig zijn…
Gelukkig zijn…
daarvoor wil ik alles geven
Liefde en warmte
geen stress aan mijn lijf
Gelukkig zijn..

Vannacht was het anders. Tot twee uur getoeter, gelach en gezang. Een korte nacht. En toch gelukzaligheid in je vel. Een prachtinspanning van Kompany. Een aanval opgezet door begot Van Buyten en Kompany. Gelukkig zijn. Hormoontjes eerder dan uitgeslapenheid. Emotionaliteit veel eerder dan rationaliteit.

Een studie van de universiteit in Luik bewees het jaren geleden al. Na een overwinning van Standard de Liège is er tot 10% minder ziekteverzuim op maandag. Welzijn en geluk. Een mooie combinatie.

geef me al je warmte… geef me al je warmte
Gelukkig zijn…
Gelukkig zijn,
daarvoor wil ik alles geven
Weg wat teveel is,
geen stress aan mijn lijf
Gelukkig zijn…
Gelukkig zijn…

De Bruyne en Lukaku. Ver na middernacht. Gelukkig zijn. Vergeet die rationeel geschoolde preventieadviseurs. Fuck al die proceduurtjes, regeltjes en ander formalisme. Leve Mulder. Leve bevrijd werken. Leve emo. Gelukkig zijn.

Gelukkig zijn…

 

PS: omdat de link bij de eerste publicatie niet zichtbaar bleek, voegen we hem er gewoon nog een keer aan toe. Klik HIER als je even wil wegdromen bij de stem van Raymond Van Het Groenewoud himself. En natuurlijk ook gewoon omdat het een steengoed lied is.

Als de herder dwaalt, dolen de schapen

Als de herder dwaalt, dolen de schapen

schapen

26/10 Mieke Van Hecke, directeur-generaal van het katholiek onderwijs, stelt voor om tijdelijk het kindergeld in te trekken als leerlingen spijbelen om vroeger op vakantie te kunnen. “Zo zien hun ouders misschien eindelijk het belang hiervan in.”

16/12 Mieke Van Hecke: “Heel wat scholen hebben het moeilijk om vlak voor elke schoolvakantie voor opvang te zorgen. Dat komt omdat ze niet voldoende personeel hebben om daarvoor te zorgen.” Tja, het is altijd makkelijker voor principes te vechten dan ze na te volgen (Alfred Adler, 1870-1937).

En ja, je mag als ouder schriftelijk verzoeken om voor je eigen kind opvang te voorzien in de school. Is dat niet de omgekeerde wereld? Het komt er dus op neer dat kinderen schoolplichtig zijn op de laatste dag voor de vakantie. Ouders die hiertegen zondigen wil men bestraffen door hun kindergeld in te houden. Maar tijdens de laatste week van de vakantie, buiten de laatste dag dan, gaan we soepel om met schoolplicht omdat er te weinig leerkrachten zijn. Als ze het echt serieus menen met het luxeverzuim lijkt me dit niet de beste boodschap.

Is het niet hetzelfde met veiligheidsregels en procedures? Ze zijn gemaakt om gevolgd te worden. En toch blijft het moeilijk om ze na te laten leven. Misschien moeten we als preventieadviseur ook af en toe eens in eigen boezem kijken. Maakt iemand bewust een overtreding of zijn ze uitgelokt door het systeem? Zijn de regels wel relevant? Staan we toe dat sommige regels vrij geïnterpreteerd worden en gebeurt dit dan even later ook met de rest? Zijn procedures zinvol, relevant en makkelijk uitvoerbaar?

Regels en procedures evalueren: het kan ook nog wat opleveren. In februari 2013 rondde zorgorganisatie Riwis (Nederland) een project af rond regeldruk. Regels werden geëvalueerd en knelpunten ingedeeld in 2 categorieën: rood (voegen geen waarde toe aan zorgproces en kunnen worden geschrapt) en oranje (voegen waarde toe maar kunnen anders). Voor de gedetecteerde knelpunten werd een standaard kostenmodel gemaakt, per knelpunt en per medewerker. Moraal van het verhaal? Per afgeschafte regel werd gemiddeld 60.000 Euro per jaar bespaard.

Jaaractieplan voor 2014: We maken dit jaar geen nieuwe regels bij maar gaan na waarom de huidige regels niet gevolgd worden.

Mr. Q

Administratieve vereenvoudiging. Niet alleen voor de overheid, maar meer dan ooit ook voor het bedrijfsleven. Inclusief de preventiediensten.

sneeuw

Het was de sneeuw en “De andere Kris Peeters” die me op het idee brachten. Hij plaatste een foto van platgetreden paden in de sneeuw op zijn blog. En gelijk had hij.

Met de sneeuw zien we perfect waar de mensen zich verplaatsen. Welke wegen ze inslaan. Rond welke boom ze wandelen.

Hetzelfde geldt voor onze bedrijven. Langs de ene kant proberen we vanuit een ivoren toren een “ideale wereld” te creëren en die in procedures te gieten. En langs de andere kant steken we hopen energie en geld in het overtuigen van de medewerkers om de procedures te volgen.

Maar als de procedures nu eens ten dienste van deze medewerkers zouden staan. Zou dat geen goed idee zijn? Regels en procedures die in feite gewoon de “luie” oplossing die we prefereren ook echt beschrijven? Zodat we die als vanzelf volgen.

Procedures die de weg van het water beschrijven als de juiste weg voor het water. Logisch. Toch? En waarom doen we dat dan niet? Waarom luisteren we niet naar de mensen en gieten we hun gedrag niet in een voorbeeldfunctie?

Als een café vooral Palm verkoopt, dan zet je de Palm toch in de centrale koelkast vooraan in het café en niet ergens in een achterafje? Nee? Toch. Gewoon doen. De rest is quatsch, met grote Q.

Papieren Noodplanning: Instructie 163bis F3

Seveso

Kijk er is veiligheid en er is veiligheid. Ok, in den beginne was er niets. Ook geen veiligheid en dus zal iedere veiligheid wel beter zijn dan geen. Maar… er ligt toch iets op mijn lever.

Onlangs was ik in een groot SEVESO-bedrijf. Echt SEVESO, niet een beetje in de marge. Verplicht gasmasker, verplicht veiligheidsfilmpje bij binnenkomst, kennis van de windrichting meegekregen en dat ik er haaks op moet vluchten…

So far, so good. Alle papieren maatregelen en instructies waren in orde. Op naar het opleidingslokaal. Daar kreeg ik een eerste indicatie. Een vrij apathische groep van de hiërarchische lijn. Iedereen die lesgeeft, weet wat ik bedoel.

Maar ze kenden de instructies. Ze hadden zelfs de week voordien nog aan een avondploeg de vlucht- en evacuatieinstructies als opleiding gegeven. Helemaal zelf hadden ze dat gedaan. En het was goed gegaan.

De lunch viel ook best wel mee. Goedkoop (maar een paar euro) en eetbaar. Leuke groep om mee aan tafel te zitten. Dat ook.  Koetjes en kalfjes naast het bord, varken op het bord.

En dus deel II van de opleiding. De namiddag…. Tot de sirene als gek begint te loeien. Gevolgd door de intercom. “Hier de centrale. Brand in de xxxkamer. Windrichting x, snelheid 23km/uur. Volg instructie 163bis F3.” De brand betrof de productie van een heel giftig gas waarbij een paar jaar geleden nog een dode viel te betreuren.

Toch een mooi moment als lesgever veiligheid… Hiërarchische lijn in de zaal en een alarm. Logische vraag van een lesgever: “Wat nu? Wat zegt jullie procedure 163bis F3?”

Oorverdovende stilte. “Wat gaan jullie nu doen?” Oorverdovende stilte. Net een Haiku.

Op dat moment is een directielid naar buiten gegaan om even te bellen. Hij kwam vijf minuten later terug binnen met de melding dat we de vensters moesten sluiten (die waren al dicht) en niet naar buiten mochten. Gemor, want de opleiding zat er bijna op en dreigde dus uit te lopen. Veiligheid als overuur.

Papieren tijgers, papieren veiligheid. Mooi voor de audit, maar gevaarlijk op het terrein.