Zomerse kronkels (4): Beroepsmisvorming neemt geen vakantie

Onder het motto #ZomerseKronkels kiezen in juli en augustus 2017 diverse vaste en gastbloggers een stukje van elkaar, en voorzien het van bijkomend, actueel commentaar.

Deze week een stukje uit 2015 van Wim Mylle, gewoon omdat het zo herkenbaar is: het toch niet helemaal kunnen afzetten van die preventiemodus. Naast de gebruikelijke vakantiekiekjes zijn er elk jaar weer de foto’s waarvan de kinderen -bij het afspelen voor de thuisblijvers- met draaiende ogen zeggen: ‘Ja, die heeft mama getrokken.’

Grappige signalisatieborden op een parking langs de Autoroute du soleil, ergonomisch tuingereedschap in de Efteling, (gebrek aan) beschermingsmaatregelen op werven overal te velde,… ze sluipen stiekem tussen de vakantiefoto’s. Maar als je ze nadien in je presentaties gebruikt sluipt je vakantiegevoel ook weer even stiekem in je preventieverhaal.

 

Geselecteerde stuk: Beroepsmisvorming neemt geen vakantie (van Wim Mylle, oorspronkelijk gepubliceerd in november 2014).

Veel (her)leesplezier !

(© foto: Wim Mylle)

(don’t) keep the fire burning

LED’s help you

2015 werd uitgeroepen tot het jaar van het licht door de VN. Geen wonder dat LED-verlichting (Light-Emitting Diode) meer en meer ingeburgerd geraakte. Om nog over het besparingspotentieel (tot 70%) te zwijgen.

En toch … heeft de tl-lamp nog niet helemaal afgedaan. De tl-armaturen in het plafond zijn op veel plaatsen nog steeds belangrijke licht leveranciers. Tl is de afkorting van het Franse ‘Tube Luminescent’. Helaas zijn het ook belangrijke stofvangers.

Als u ze nog niet meteen laat vervangen zou ik toch maar eens stil staan bij het verlichtingsonderhoud. Maar wanneer is verlichting aan onderhoud toe?

De gebouwverantwoordelijke van de Brusselse Innovation zal het u ook niet (meer) kunnen vertellen. DE brand van 22 mei 1967, u hebt er ongetwijfeld over gehoord of over gelezen. Bij velen in geheugen gegrift als ‘De brand van België’. En precies vijftig jaar na datum verschijnen er enkele boeken over de gebeurtenis. Auteur Johan Swinnen suggereert in het boek Happening dat de brand het gevolg is van het werk van drie bommenleggers. De roman Happening is een fictieverhaal.

Books tell you (why)

Siegfried Evens publiceerde ook een verhaal: De brand in de Innovation. Volgens Evens was de ramp met ‘aan de zekerheid grenzende waarheid’ een ongeval, las ik in de Knack. De ramp werd getriggerd door een vonkje in een tl-buis.

Ongevallen hebben we niet in de hand. Maar preventief handelen wel. Knipperende tl-lampen laten vervangen (+ starters) en toch ook maar het stof verwijderen? Het kan in een onderhoudsplan. En op deze manier daalt de kans op een defect in een tl-armatuur.

De brand in de Innovation zorgde voor de nodige schok met als gevolg dat de brandpreventiewetgeving, van de herlancering van art. 52 tot het KB Basisnormen, strenger werd. Soms is er een stok achter de deur nodig.

Ik vertel u wellicht niks nieuws. Dat doen Siegfried Evens en Johan Swinnen wel. Net zoals onderzoeksjournalisten Geert Devriese en Frank Van Laeken in “Inferno: De brand in de Innovation. Getuigenissen en het effect op de samenleving achteraf”.

Toch nog eens checken of er geen knipperende lampen meer zijn. Zodat ik met een gerust gemoed het boek kan lezen.

‘Keep thé fire burning’ klinkt goed, op de radio. Maar als het over brand gaat en zeker over ‘DE brand’ had de titel ‘Never again’ ook gekund.

 

 

Bronnen:

Ik heb de namen en de adressen van de bommenmakers, 17 mei 2017, Knack nr. 20

brandgevaar door verlichtingsarmaturen, 24 mei 2013 Henk-Jan van Baak

Gekronkel om Preventie: word creationist !

(bron foto: morguefile.com-ManicMorFF)

Ik zit nietsvermoedend op kantoor. Pling! Een mailtje van een van mijn Belgische vrienden en strijdmakkers in het anders denken binnen veiligheid. Of ik niet eens zin heb om een bijdrage te leveren aan deze blog, Preventiekronkels.

Natuurlijk! Denken, praten en schrijven over veiligheid is mijn lust en mijn leven. Maar over wat…

Preventie. Kronkels.

Kronkels. Preventie.

Kronkels heb ik wel wat mee. Gelukkig maar, want pakweg tien jaar geleden besloten we te emigreren naar Noorwegen. Het meeste hier is kronkelig. Het landschap. Rivieren. Fjorden. Wegen. Zelfs de melodie van de taal is aangenaam kronkelig, met over het algemeen een zwaai naar boven aan het einde van de zin. Bovendien, kronkels, dat klinkt naar uitdagingen. Spannend!

Preventie, daar heb ik minder mee. De term preventiemedewerker kwam in zwang in Nederland toen ik op het punt stond om de spullen te pakken. Voor die tijd, ja, toen gaf ik wel eens aan dat ik onderzoek deed om herhaling te voorkomen. Want dat betekent preventie natuurlijk. Je wilt iets voorkomen. Dat is op zich mooi. Voorkomen is beter dan genezen, zeggen ze. Maar van de andere kant is het ook wel wat defensief. Er zit iets negatiefs aan te komen. Dat wil je graag stoppen, en dat noemen we dan preventie.

Preventie is op zich pro-actief, want je neemt een actie voordat er iets naars gebeurt. En toch kleeft er ook ergens wel een reactief luchtje aan. Je reageert immers op de notie van iets naars dat kan gebeuren. Het heeft ook wel iets betuttelends. Wij weten wel wat goed is voor anderen. Bovendien is voorkomen niet compleet. Want, wat als het tóch gebeurt? We kunnen immers niet alles vooruitzien en beheersen. We kunnen dus niet alles voorkomen. Voorkomen is beter dan genezen, maar dat maakt genezen niet overbodig.

In plaats van als preventieadviseur beschouw ik me tegenwoordig liever als een creationist. Laten we het wat minder over preventie hebben en wat meer over het scheppen van veiligheid. Dat kunnen we doen door aan de ene kant dingen zo veilig mogelijk te maken zodat de kans op nare gevolgen zo klein mogelijk wordt, of dat de gevolgen beperkt blijven. Van de andere kant moeten we er ook voor zorgen dat mensen met dingen om kunnen gaan als ze toch anders gaan dan we hadden gepland, in kleine en grote dingen.

Preventie is goed, maar een volledige aanpak nog beter. Word een creationist.

Legaal tot in het illegale?

Waar trek je de grens bij het letterlijk interpreteren van de wetgeving? Waar duw je de geest net iets teveel over de grens?

Ik ken werkgevers die alle stappen en initiatieven inzake preventie in de eerste plaats laten afhangen van het oordeel van de bedrijfsjurist.

Kun je me het artikel in de wetgeving tonen waar dit expliciet verboden of verplicht wordt?” Rookmelders, asbestinventaris, EHBO-opleidingen, evacuatiewegen in zowel aantal als breedte, … Geen enkel item ontsnapt aan de jurist. “Is dit wel een PBM? Want werkkledij moet niet naar het CPBW, of kunnen we zelfs afschaffen…” En ga zo maar verder.

Is de term “opleiding” gedefinieerd in de wetgeving? Of kunnen we het afgeven van een A4 als de verplichte opleiding beschouwen? De rentabiliteit stijgt zonder onthaalopleiding. Ze daalt natuurlijk van zodra de nieuweling in zijn vingers snijdt… maar die vijf minuten winst op het onthaal… die is belangrijker.

De rol van risicoanalyse is hierbij vaak ook formeel-legalistisch. Ze wordt opgemaakt omdat het moet, en wordt vervolgens aan de kant geschoven, zodat we verder kunnen op basis van de andere artikels uit het KB…

Het is een uitdaging om in een dergelijke omgeving te functioneren. Je mag dat ook niet te lang doen. Doe het zolang je als preventieadviseur, als mens, bijleert. Hoe denken juristen? Hoe denken dergelijke directiecomités? Hoe kan ik het omzeilen? Hoe speel ik schaak in een dergelijke omgeving? Hoe zet ik wie mat, of toch even schaak?

Zorg er wel voor dat je niet gecorrumpeerd raakt. Als preventieadviseur ben je geen jurist. Je bent er voor het welzijn van de werknemer. Je bent er de facto voor het langetermijndenken en overleven van het bedrijf. Want de overdreven legalistische denkwijze is niet duurzaam. Dergelijke bedrijven overleven niet in the long run.

Er staat nergens in de wetgeving dat je een koffie moet aanbieden aan je werknemers. Nochtans overleef je als bedrijf niet zonder het aanbieden van een ochtendkoffie. Daar gaat het om. Niet over de letterlijke lezing van de wet, maar over het soigneren van je mensen. Zodat die iedere dag weer de strijd met je concurrenten aangaan, en die winnen. Enkel door die dagelijkse overwinning in de markt, overleeft het bedrijf. Niet door de bedrijfsjurist een nieuwe BMW te geven. Echt niet.

De arbeidsmarkt is krap geworden. Talent kan kiezen. Niet de werkgever kiest, maar het talent. En ze doen dat bij de koffie, ’s ochtends. Als die lauwtjes is, kun je het schudden. Dan kun je met je bedrijfsjurist vergaderen over de leegloop van je bedrijf. Over hoe je via een letterlijke lezing van de wetgeving je turnover kunt aanpakken. Ik zou beginnen met die jurist zijn koffie af te nemen tot hij een antwoord kan formuleren op deze vraag…

Allerheiligen zonder papa

Soms is een artikel helemaal raak. Zo raak dat je het zelf niet beter zou neergeschreven krijgen. Dat is het geval met deze beschrijving op deredactie.be van het (over)leven als je partner overlijdt. Na een arbeidsongeval. Een artikel zonder pittige details over het ongeval. Zonder standpunt over verantwoordelijkheden en aansprakelijkheid. Maar mét het accent op het verderzetten van je leven.

Daarom delen we dit verhaal op deze eerste november. Je leest het hier.

Met dank aan deredactie.be en auteur Lieselot Terryn.

Uit de oude (A.R.A.B.-)doos

Bij het opruimen stootte ik op een doos met een aantal oude veiligheidscursussen van mijn aanvullende vorming niveau I. Lang geleden dus. Uit de tijd dat de dieren net niet meer spraken, zowat.

Een van de teksten droeg de veelbelovende titel “Het A.R.A.B. als werkinstrument”. Een eye-opener, om verschillende redenen.

Allereerst omdat het vandaag bijna niet meer te vinden is. Cursusmateriaal in uitgeschreven tekstvorm. Het ontzag dat spreekt uit de 4 puntjes in de afkorting. A.R.A.B…. Toch nog net iets anders dan het nonchalante ARAB in onze tegenwoordige teksten.

Maar ook omdat er in het domein zoveel veranderd is op 20 jaar tijd. En toch ook zoveel hetzelfde gebleven. De kiem voor de ontwikkeling van de Codex laat zich al tussen de regels door lezen, in een enkele voorzichtige kritiek hier, een vaststelling van een tekortkoming daar. Herkenbaar is ook die voorzichtige hoop dat het loutere bestaan van deze wetgeving, de onwilligen zal overtuigen om toch maar mee te stappen in de richting van een preventiebeleid. En hoewel we vandaag natuurlijk al lang weten dat dat niet zo is, blijft het wel zo dat een wettelijk kader een mooi houvast biedt voor wie op een gestructureerde manier de werking van zijn preventiedienst, en bij uitbreiding zijn volledige preventiebeleid wil uitbouwen.

Een aanrader voor jong en oud dus. En daarom nemen we hieronder een uittreksel over. Vooral de positieve en negatieve punten over het A.R.A.B. zijn een aanrader. Waarbij ik moet bekennen dat ik bij de negatieve punten even niet meer zeker was of het nu echt wel het vroegere A.R.A.B. betrof, en niet onze Codex van vandaag. Heel even.

 

ARAB

Gezocht: preventieadviseur M/V klaar voor takeoff

bird-taking-off-xxx

Ik zag net een vacature passeren vanwege een overheidsdienst die een preventieadviseur zoekt. Dat riep de vraag op welk type preventieadviseur geschikt zou zijn voor deze job. En die vraag riep op haar beurt weer herinneringen op aan de work shop die ik in januari mocht geven voor een groep preventieadviseurs van lokale overheden.

Wat ik toen zag waren vooral preventieadviseurs met veel goesting. Goesting om een bijdrage te leveren aan de verbetering van het preventieniveau in hun gemeente. Goesting om creatief te denken waar mogelijk, en pragmatisch waar nodig.

Er waren uiteraard ook verschillen. De ene had rechtstreeks en regelmatig toegang tot “zijn burgemeester”, de ander slechts indirect en sporadisch. De ene combineert de job van preventieadviseur met een personeelsfunctie, de ander met een onderhoudsfunctie. De ene opereert quasi alleen, de ander heeft een brug geslagen naar de collega’s van nabijgelegen gemeenten.

Daarnaast waren ze ook unaniem. Unaniem in het beschrijven van de uitdagingen waarmee ze te maken krijgen. Van de georganiseerde machtswissel om de 6 jaar (verkiezingen genaamd) over dat vermaledijde HOC en/of BOC dat maar niet vaak genoeg bij elkaar komt om echt te wegen op het preventiebeleid tot de vele heterogene activiteiten (en bijhorende risico’s) waarmee ze te maken krijgen.

En tenslotte was er nog die andere gemeenschappelijke factor. Geduld. Festina lente is een gave die je als preventieadviseur binnen een lokale overheid best kan gebruiken. Haast u langzaam. Jarenlang geduldig breien aan relatie en netwerk om langzaam maar zeker stapjes vooruit te zetten. Het vergt een bepaalde ingesteldheid.

En die combinatie is een interessante. Goesting en geduld. Geduld en goesting. Enerzijds verder bouwen, die opening zoeken, die stap vooruit willen. Anderzijds als een spin in een web kunnen wachten en wachten en wachten tot het moment daar is. Mensen met minder geduld noemen dat proces weleens “wachten op Godot”. Maar dat omschrijft het niet helemaal juist. Mij doet het eerder denken aan het wachten op het juiste slot voor de takeoff van het preventiebeleid.

De preventieadviseur die zijn kans waagt op de advertentie die ik zag voorbijkomen, kan dus maar best over een mooie portie geduld beschikken. En veel goesting. Ready for takeoff, dus.